Therapie in de praktijk: levenslessen van een Indiaanse moeder

Ingers vraag
Inger (niet haar echte naam) is depressief, en wil een antwoord op de vraag: “Waarom ben ik zo moe en komt er niets uit mijn vingers?”
In trance gaat Inger naar haar ‘happy place’, een plek in de natuur. Daar ontmoet ze haar gids: een oude Indiaanse vrouw, met een vriendelijk gezicht. Inger herkent deze vrouw als haar ‘moeder uit een vorig leven’.

De rugzak
Samen gaan ze onder een boom zitten. Inger hoeft haar vraag niet eens te stellen, want de Indiaanse vrouw begint gelijk te vertellen. Als eerste laat ze Inger een rugzak zien. Het is een zware tas. Ze vertelt Inger dat die staat voor de onnodige ballast die Inger met zich meedraagt. Het is helemaal niet nodig om die steeds maar rond te dragen. Ze kan hem gewoon hier – onder de boom – achterlaten.
Dan ziet Inger een beeld van het schilderij ‘De schreeuw’. Normaal gesproken krijgt ze altijd een heel onheilspellend gevoel als ze het schilderij ziet… Die donkere kleuren… Gek, dat het schilderij haar nu niet zoveel doet. Het is zelfs wel een beetje grappig! Ze stopt het schilderij maar in de rugzak.

Ingers ouders
Dan begint de gids over Ingers moeder. Ze zegt: “Jij bent nu oud genoeg om je eigen pad te volgen. Neem je moeder maar mee op jouw pad, i.p.v. andersom. Ze heeft jou meer nodig dan jij háár.”
Inger vindt dat wel logisch klinken, maar weet alleen niet hoe dat moet. “Dat geeft niet, “zegt de gids, “dat komt wel. De tijd zal het leren, je hoeft niets te forceren. Je moet niks!” De gids zegt niets over Ingers vader.
Maar ineens hoort Inger: “Je vader is een lul, laat hem maar gaan!” Dan ziet Inger haar overleden opa, die zit boven in de boom. Met hem had ze altijd een hele sterke band. Inger vindt het fijn om hem te zien, maar zegt dat hij zich er maar even niet mee moet bemoeien. Daar moet haar opa van grinniken.
De gids vertelt verder: Nu is het tijd om je ballast hier te laten. Kijk nog maar eens naar het schilderij en als je het weer ziet, is het gewoon een grappig beeld en helemaal niet zwaar. Je bent al op de goede weg!

Het verlichte pad
Dan laat ze Inger een pad zien, omgeven door een grote hoeveelheid wit licht. “Loop daar maar overheen en neem het licht in je op. Dat zal je helpen.” Inger wordt er onrustig van. Het is heel fel en doet zeer aan haar ogen. Tegelijkertijd is het ook fijn. Ze zet een zonnebril op. Ze ziet in de verte haar ‘happy place’, bij de boom, waar haar opa zwaait en lacht. De gids laat haar de rugzak nog eens zien en roept: Die blijft hier!” Inger blijkt nu een klein schoudertasje om te hebben. Ze begrijpt dat ze daar kleine spulletjes in kan doen, die ze op het pad ziet liggen.
Al snel ziet ze een schelpje liggen, wat haar doet denken aan de oneindigheid van de zee. De zee is zonder oordeel, is niet negatief of positief, maar is gewoon. Ze zegt: “Dat schelpje, als ik daarnaar kijk, dan zie ik wat is. “

Meev(o)eren
Het volgende wat er in haar opkomt, is een paardenbloem, die voor haar ogen verandert in een pluizenbol. Haar gids staat alweer naast haar en zegt: “Blaas maar, en laat de pluisjes maar meevoeren op de wind. Zie maar hoe de pluisjes mee dwarrelen, hoe makkelijk dat eigenlijk gaat.”

Daarna laat ze een plank zien, die rechtop staat. De gids duwt hem om en zegt: “Kijk maar hoe makkelijk je omvalt, als je zo stijf bent en niet meeveert. En zie eens, hoe die pluisjes juist langer intact blijven, omdat ze zich mee laten voeren door de wind. Laat je dus maar meevoeren, want die plank ligt alleen maar op de grond.”
Afsluitend zegt de gids nog: “Ga hier maar mee bezig. Neem je schelpje maar mee in je schoudertasje en laat je maar meevoeren.”
Dan loopt de vrouw weg. Inger gaat weer lekker onder de boom zitten, met uitzicht op het verlichte pad, terwijl die plank nog in het gras ligt. Ze zegt: “Het is goed zo, mijn rugzak kan hier blijven staan. En als ik weer terugkeer, staat hij er nog. Omdat hij er wel mag zijn, ondanks dat ik hem niet meer nodig heb.

Hoe nu verder
Als Inger uit de trance komt, zegt ze dat ze zich wel goed voelt, lichter. Ze herinnert zich dat ze altijd een onheilspellend gevoel kreeg als ze ‘de Schreeuw’ zag. Alsof ze het gevoel dat het schilderij uitstraalde, herkende in zichzelf. Ze is benieuwd hoe dat nu zal zijn. Verder heeft ze een antwoord gevonden op haar beginvraag: “Van al die onnodige ballast, van die lastige dingen die ik ben tegengekomen in mijn leven, word ik moe. Mijn lijf voelt ook vaak zo stijf aan. Ze gaat proberen om negativiteit, van bijvoorbeeld haar moeder, niet meer mee te dragen. Ze wil het ‘in het licht zetten’ en maar gewoon laten ‘zijn’. Daar was ze laatst al mee begonnen toen haar moeder haar een heel negatief berichtje stuurde: ze liet zich niet meer zo ‘opfokken’. Ze is dus op de goede weg.

Reacties zijn gesloten.